Over een paar weken gaat de verwarming weer aan en kijkt half Nederland voor het eerst sinds het voorjaar op de drukmeter van de cv-ketel. Staat de wijzer laag, dan is de reflex om even bij te vullen. Meestal is dat ook de juiste handeling, maar een cv-installatie is een gesloten circuit: water dat verdwijnt, moet ergens gebleven zijn. In dit artikel lees je hoeveel bar erin hoort, waarom de meter beweegt en op welk punt bijvullen ophoudt een oplossing te zijn.

Hoeveel bar hoort erin? 1,5 tot 2 bij een koude installatie

Nefit Bosch houdt aan dat de ideale waterdruk meestal tussen de 1,5 en 2,0 bar ligt, en noemt alles boven de 2,0 bar te hoog. Zakt de druk onder de 1,5 bar, dan is bijvullen aan de orde.

Belangrijker dan het getal is het moment waarop je afleest. Die 1,5 bar geldt voor een installatie in rust: thermostaat laag, ketel al even uit. Nefit Bosch adviseert minstens twintig minuten te wachten voordat je de stand aanhoudt. Lees je af terwijl de ketel net een uur heeft staan stoken, dan meet je een hogere waarde en concludeer je ten onrechte dat alles in orde is.

Maak er daarom een gewoonte van om op een vast moment te kijken, bijvoorbeeld 's ochtends voordat de verwarming aanslaat. Milieu Centraal (opent in nieuw tabblad) adviseert dat een paar keer per jaar te doen, Nefit Bosch houdt minstens eens per drie maanden aan.

De meter hóórt te bewegen, dat is geen storing

Water zet uit als het warmer wordt. In een gesloten systeem kan dat uitgezette water nergens heen, dus loopt de druk op zodra de installatie op temperatuur komt. Koelt alles weer af, dan zakt hij terug. Nefit Bosch noemt dat schommelen door temperatuurverschillen expliciet normaal.

Dit is het punt waarop veel mensen de mist ingaan. Wie in januari op een warme installatie afleest en in augustus op een koude, ziet een verschil dat er altijd al was en denkt dat er iets kapot is. Vergelijk daarom alleen appels met appels: koud met koud.

Wat wél opvalt, is een installatie die bij het opwarmen ongewoon ver doorschiet richting de bovengrens en na afkoelen dieper wegzakt dan de vorige keer. Die combinatie is een signaal, en daar komen we verderop op terug.

Waarom 1,5 bar niet voor elk huis het juiste getal is

De juiste druk hangt af van de hoogte van je installatie. Water heeft gewicht, en dat gewicht moet de installatie omhoog duwen: per meter hoogteverschil tussen de ketel en de hoogste radiator is ongeveer 0,1 bar extra nodig. Vandaar de vuistregel die installateurs gebruiken voor het expansievat: hoogte in meters maal 0,1 is de voordruk die het vat moet hebben. Bij vijf meter verschil kom je op 0,5 bar, en standaardvaten zijn dan ook leverbaar in 0, 0,5 en 1 bar. Het is het stuk dat in vrijwel elke uitleg over waterdruk ontbreekt.

Praktisch betekent dit: hangt je ketel op zolder en staan de radiatoren eronder, dan speelt hoogte nauwelijks een rol. Staat de ketel in de kelder of in een bijkeuken van een woning met drie verdiepingen, dan is dezelfde 1,5 bar aan de krappe kant. Je radiator op de bovenste etage wordt dan als eerste niet meer goed warm, terwijl de meter beneden nog netjes in het groen staat.

Raadpleeg bij twijfel de handleiding van je eigen ketel. Fabrikanten geven per model de aanbevolen druk op, en dat is het getal dat voor jouw situatie geldt.

Drie redenen waarom de druk zakt

Er zijn grofweg drie oorzaken, en ze vragen alle drie iets anders van je.

  • Je hebt ontlucht. Lucht die uit de radiatoren verdwijnt, neemt volume mee, dus de druk zakt. Dit is de enige oorzaak die geen probleem is. Eenmalig bijvullen na een ontluchtronde hoort er gewoon bij.
  • Het expansievat werkt niet meer. Dat vat vangt de uitzetting van het verwarmde water op. Slijt het membraan erin, dan loopt het vat vol water en is de buffer weg. Het patroon is herkenbaar: kort na het bijvullen staat de meter alweer flink lager, en tijdens het stoken loopt de druk juist ongewoon hard op. Bijvullen helpt hier niet, het vat moet vervangen worden.
  • Er lekt water weg. Vaak heel traag, op een plek die je niet ziet. Kijk onder radiatorkranen, bij koppelingen en onder de ketel zelf. Nefit Bosch noemt naast lekkage ook de waterdrukregelaar en het overstortventiel als mogelijke oorzaak. Dat laatste voert water af via de afvoer, en dat merk je dus nergens aan een natte plek.

Hoe houd je ze uit elkaar? Door te noteren wanneer je bijvulde en op welke stand de meter stond. Eén meting zegt niets, drie metingen over een paar maanden vertellen het hele verhaal.

Hoe vaak bijvullen nog normaal is

Ongeveer één keer per jaar bijvullen is normaal, vaker dan een paar keer per jaar niet. Nefit Bosch is er duidelijk over: moet je vaker dan enkele keren per jaar bijvullen, bel dan een monteur. Een gesloten systeem verbruikt geen water, dus structureel bijvullen is het opvullen van een verlies dat er niet hoort te zijn.

Een werkbare vuistregel:

  • Eén keer per jaar of minder, meestal na ontluchten. Normaal. Doen en verder niets.
  • Twee tot drie keer per jaar. Houd het scherp in de gaten en leg de data vast. Neem het mee naar de eerstvolgende onderhoudsbeurt.
  • Elke maand of vaker. Niet normaal. Laat ernaar kijken voordat het stookseizoen op gang komt.

Voor het onderhoud zelf houdt Milieu Centraal aan dat een moderne ketel in overleg met de installateur toe kan met een beurt eens per twee jaar, terwijl een wat oudere ketel jaarlijks nagekeken hoort te worden. Doe dat door een bedrijf met CO-certificering, want dat is voor werk aan gasverbrandingsinstallaties wettelijk verplicht. Wil je vooraf weten wat zo'n bezoek ongeveer kost, dan geeft wat kost een vakman de gangbare uurtarieven per beroep.

Bijvullen doe je zo

Ga je zelf bijvullen, houd dan deze volgorde aan. Nefit Bosch beschrijft hem als volgt:

  1. Zet de thermostaat laag en wacht minstens twintig minuten, zodat de installatie is afgekoeld.
  2. Ontlucht eerst je radiatoren. Doe je dat achteraf, dan zakt de druk daarna alsnog en moet je opnieuw vullen.
  3. Sluit de vulslang aan en laat hem eerst vollopen met water, zodat je geen lucht mee naar binnen neemt.
  4. Open eerst de waterkraan, daarna pas de vulkraan van de ketel.
  5. Vul tot de meter tussen de 1,5 en 2 bar staat.
  6. Sluit eerst de vulkraan van de ketel, daarna pas de waterkraan.
  7. Koppel de slang los boven een emmer en zet de ketel weer aan.

Laat de vulkraan nooit openstaan als je klaar bent. De druk loopt dan bij het opwarmen ongemerkt te ver op, en dat lost het overstortventiel voor je op door water af te voeren. Dan ben je het probleem morgen weer kwijt en overmorgen weer terug.

Leg vast wat de meter deed, dan zie je het patroon

Alles in dit artikel draait om één ding: het verschil tussen een keer en een patroon. En dat verschil kun je niet onthouden. Vraag het iemand in maart en het antwoord is bijna altijd "afgelopen winter, geloof ik".

Houd het daarom kort bij. Noteer per keer de datum, de stand die je aantrof en wat je deed. Bewaar daar de factuur van de laatste onderhoudsbeurt bij, plus het bouwjaar of plaatsingsjaar van de ketel. Met dat jaartal zie je in de cv-ketel check ook wanneer vervanging in beeld komt. In je woningdossier staat dat op één plek, naast de rest van je onderhoudshistorie en je lopende onderhoudscontract. Komt er een monteur, dan is dat lijstje precies wat de vakman nodig heeft om in vijf minuten te zien of het expansievat of een lek de verdachte is.

Datzelfde overzicht helpt je ook vooruitkijken. Een cv-ketel is een van de posten die op enig moment vervangen moet worden, en met de onderhoudskosten-indicator zie je op basis van bouwjaar en laatste onderhoud welke grote uitgaven er de komende jaren aankomen. Wat je daarvoor gemiddeld opzij zet, lees je in gemiddelde onderhoudskosten van een huis.

Een zakkende drukmeter is dus geen storing en geen ramp. Het is een meting. Pas als je weet hoe vaak het gebeurt, weet je of je een vulslang nodig hebt of een monteur.